De doos van Roos

Een kort verhaal omdat je veel kan vertellen over haar doos, maar dan moet je haar beter kennen.
Ik ken Roos redelijk. De doos van Roos gaat over Sauna en vrouwen onder elkaar. Het staat garant voor een dag ongegeneerd ordinair vermaak, zelfspot en diepgaande gesprekken. Ik denk dat iedereen die wel eens naar de sauna gaat met louter alleen “eigen soort” weet waar ik het over heb. Ik zie ook regelmatig mannenrassen in groepsvorm, maar die hoor je niet en ….soms wil je ze ook niet zien. Vriendinnenvrouwen klitten (letterlijk) samen en praten open en bloot over mannen, hun leven en..sex.
Vandaag geen sex verhaal…of toch wel iets……
De doos van Roos gaat over haar doos. Die wij schoon mochten aanschouwen in het zwembad enige tijd geleden.
De situatie is als volgt: 5 vrouwen in de leeftijd van 30-50, naakt relaxend in het zwembad van een sauna in Limburg. We praten over de gunstige werking van de zwaartekracht in het water en kijken om de beurt naar onze borsten die fier en monter omhoog drijven. Het lijkt even alsof we weer 20 zijn. Kreetjes en trotse gezichten zeggen genoeg, en we voelen ons zo vrij dat Roos besluit om een leuk handstandje te doen.
“Eens kijken of ik het nog kan”, horen we vanuit het midden van het (te) kleine zwembad.
Prompt verrijzen 2 witte grote benen uit het water en er volgt applaus.
Maar, Roos is niet voor 1 gat te vangen en laat zien dat ze nog steeds erg lenig is.
Ze opent haar benen trots voor het aanwezige publiek…..
Open en dicht, open en dicht….wel 3 x verschijnt de doos van Roos in volle glorie boven het water.
Ze vergat dat ze wat langer is dan de 1.40 diepte van het (te) kleine zwembad…..
Ik zou de aanblik wel willen vergeten maar vrees dat het voor de rest van mijn leven op mijn netvlies getekend blijft.
De doos van Roos……….

© Suus 2014

Mei zomer dagdroom

Ze draaien aan het roestige slot van de houten deur. Dicht….Dat hadden ze ook wel verwacht eigenlijk. De deur is versleten, stukken hout zijn weggerot en samen gluren ze door een van de spleetjes. Een binnenplaats…gras….een omgevallen wit bistrostoeltje dat er duidelijk al langer ligt door de groene algenlaag op de zijkanten. Hij loopt van het bordes af, de trap naar beneden en houdt zijn hand boven zijn ogen. De zon schijnt al warm, ook al is het nog een vroege ochtend in mei. 

Ze loopt ook het bordes af, naar hem toe en gaat voor hem staan. Hij slaat zijn armen om haar heen, kust haar nek en samen kijken ze naar de statige muren.  Ze duwt haar lichaam tegen het zijne. “Het is nog precies zoals ik het me herinner”,zegt hij. En ze hoort een diepe zucht. “Hoe lang is het geleden, vraagt ze? “ik was nog met haar”, klinkt het  emotioneel en ze duwt zich nog dieper in zijn armen en knikt. De blauwe haast nieuwe lucht contrasteert prachtig met de verweerde stenen.

“Kom”, zegt hij en pakt haar hand. Hand in hand een stukje terug en lopen via een zijpad verder. De heggen zijn net te hoog om  over heen te kijken, maar soms zijn er openingen. De achterkant van het Chateau is wellicht nog mooier dan de voorkant. Prachtige raampartijen, klimplanten tegen de gevel, meters hoog. Ze zien zich zelf er al wonen, verbouwen, kinderen en kleinkinderen aan lange tafels in de tuin onder de bomen. 2 Honden, wat katten voor de muizen, misschien wel een hangbuikzwijntje en uiterraard kippen. Ze willen een moestuin, er zijn al fruitbomen, maar of ze ooit een beest durven slachten dat betwijfelen ze. De wijngaard van 10 hectare wordt de bron van inkomsten. Ze raken verliefd op stenen, gras, bomen en op elkaar.

De wandeling door de boomgaard duurt lang. Ze kijken en kussen, weten dat ze alleen zijn en de warmte hun voedt en vult. Hij streelt haar en zij laat zich strelen, ook al kennen ze elkaar nog niet zo lang.  Het begint daar samen en het voelt alsof het nooit anders geweest is.

Ze besluiten om in de aangrenzende winkel wat wijn te proeven en te kijken of het te koop is. Ze kunnen het helemaal niet betalen, dat weten ze ook, maar het opgewonden gevoel is zo heerlijk dat het haast een grote teleurstelling is dat het Chateau niet eens te koop staat. Stil lopen ze met flessen wijn en wat aangeschoten van het proeven de oprijlaan af . Nog eens omdraaiend en ze zuchten. Totdat hij zegt: “wat ruik ik? Verbrand plastic?”. Wat ze aanvankelijk niet hadden gezien omdat ze verblind waren door de schoonheid van het gebouw zagen ze nu wel ineens. De grote lelijke fabriek op de hoek, waar vieze stinkende dampen de prachtige blauwe hemel vergiftigden.

“Ik vond het toch iets te klein”, zegt ze. En samen lachen ze de weg terug….

Mei zomer dagdroom

 

©Suus 2014