Ik mis je mam

En dan sta ik ineens voor je deur. Ik ken je niet, weet niet eens hoe je er uit ziet en of je stem dezelfde klank als de mijne heeft. Lijken we op elkaar? Hoe zijn je ogen? Omhels ik je? Herken ik mezelf of zie ik zo een vreemde? Wat bezielt me in vredesnaam, waarom wil ik dit? Ik wist tot mijn dertiende niet eens van je bestaan af. Maar sta nu hier en durf ineens niet meer. Heb dit moment zo vaak geïdealiseerd en ben eigenlijk alleen maar bang. Want wat gebeurt er met me als je niet open doet?

Mijn diepe angst om afgewezen te worden heeft me altijd weerhouden om je op te zoeken. Die is als het ware met me mee geboren op het moment dat je me afstond. Ik begrijp heel goed dat je niet anders kon, maar het verlicht mijn pijn niet. Maar mag ik wel dieper voelen dan jij? Welk recht heb ik?

Want wat voelde jij mam, toen ik geboren werd? Ben ik bij je weggehaald of heb je me misschien nog vast mogen houden? Mocht je me even liefkozen? Wat dacht je toen de zuster me overnam? Heb je gehuild? Geschreeuwd? Gevochten? Hoe was dat voor jou mam? De deur die nu tussen ons rust is een compleet mensenleven. En ik wil weten wat het voor jou betekende. Als ik aanbel is de kans groter dat je me afwijst dan dat je me toelaat. Maar als ik niet duw, dan kom ik toch terug, omdat ik je mijn hele leven al mis. Ik huil om jou en om wat we samen niet hebben. Mijn God wat ik mis je Mam.

Ineens duw ik op het zilverkleurige knopje. “Ja?”, klinkt het door de intercom. “Suzanne”, zeg ik, en de de deur gaat open…..